Caroline Fredrick, schepen
Het Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 304
Besluit van de Vlaamse Regering houdende het lokaal beleid kinderopvang van 24 mei 2013
Decreet houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten 3 mei 2019, artikel 7,8 en 9
• Artikel 7 – Eén lokaal samenwerkingsverband
„Binnen het grondgebied van het lokaal bestuur wordt er samengewerkt in één lokaal samenwerkingsverband, dat divers is samengesteld uit actoren die relevant zijn voor buitenschoolse activiteiten. De deelname aan het lokaal samenwerkingsverband mag geen voorwaarde zijn voor erkenning of voor financiële, personele, logistieke of infrastructurele ondersteuning van actoren door het lokaal bestuur. In afwijking … is er één gezamenlijk … voor gemeenten die samenwerken met toepassing van artikel 5.”
Dit artikel legt de verplichting vast om één samenwerkingsverband te voorzien, inclusief relevante partners, en regelt deelnamevrijheid.
• Artikel 8 – Initiatief en organisatie
„Het lokaal bestuur neemt het initiatief voor het lokaal samenwerkingsverband en organiseert het. … In afwijking … kan het lokaal bestuur de organisatie … overlaten aan een of meer andere actoren. Bij gebrek aan initiatief ... kunnen een of meer andere actoren … het initiatief nemen …”
Hiermee is duidelijk wie verantwoordelijk is voor oprichting en organisatie.
• Artikel 9 – Opdrachten van het samenwerkingsverband
„Het lokaal samenwerkingsverband heeft de volgende opdrachten: 1° het adviseren van het lokaal bestuur bij de opdrachten … vermeld in artikel 4, en uitvoeren van de meerjarenplanning …; 2° het ontwikkelen van gezamenlijke operationele doelstellingen en het coördineren van operationele acties binnen de beschikbare middelen …; Het lokaal samenwerkingsverband stimuleert het gebruik van het Nederlands als verbindende taal.” De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels over de opdrachten van het lokaal samenwerkingsverband.
Dit bepaalt de taken en adviesrol van het samenwerkingsverband, evenals de verplichting tot meertaligheid
Het college van burgemeester en schepenen van 13 januari 2026 over de goedkeuring lokaal samenwerkingsverband Boa Pact Lievegem samenstelling
Het decreet Buitenschoolse Opvang en Activiteiten (BOA) geeft het lokaal bestuur de regierol om samen met alle lokale spelers een geïntegreerd aanbod aan buitenschoolse opvang en activiteiten te ontwikkelen.
Dit houdt in dat:
Het lokaal bestuur moet een Lokaal Samenwerkingsverband oprichten dat mee uitvoering geeft aan:
De opdrachten van het Lokaal Samenwerkingsverband zijn dan ook formeel vastgelegd.
Het lokaal bestuur Lievegem neemt hierbij het initiatief tot het inrichten en organiseren van een lokaal samenwerkingsverband.
Het lokaal samenwerkingsverband, verder genaamd Boa Pact Lievegem (BPL) is een adviesorgaan, losstaand van het Lokaal Overleg Kinderopvang (LOK), dat samenkomt op afroep en alle relevante BOA-partners verenigt met het oog op het lokale BOA-beleid.
Het BPL geeft niet-bindend advies aan het lokaal bestuur over:
• de strategische BOA-doelstellingen en de uitvoering van het lokaal meerjarenplan;
• de verdeling van middelen (financieel, personeel, logistiek , infrastructuur) binnen het BOA-aanbod;
• erkenningskaders en aanvragen van extra erkende plaatsen;
• andere relevante thema’s die het lokaal bestuur voorlegt.
Het BPL kan operationele doelstellingen ontwikkelen en coördineren in het BOA-landschap.
Het BPL stimuleert het gebruik van het Nederlands als verbindende taal in het lokaal BOA-aanbod.
Het lokaal samenwerkingsverband is geen doel op zich. Het is een middel om te komen tot een duurzame samenwerking tussen partners. En die samenwerking draagt op zijn beurt bij aan het realiseren van een kwaliteitsvol BOA-aanbod in de gemeente.
Het lokale samenwerkingsverband BOA is geen formele adviesraad zoals bedoeld in artikel 304 van het decreet lokaal bestuur. Daarvoor zijn twee redenen:
• De opdracht van een adviesraad is het geven van advies aan het lokale bestuur. Het lokale samenwerkingsverband voor BOA heeft meer opdrachten dan alleen advies geven. Het kan ook eigen doelstellingen formuleren en operationele acties uitwerken.
• Het initiatief om een lokaal samenwerkingsverband op te richten kan ook bij anderen dan het lokale bestuur liggen, terwijl adviesraden enkel door de gemeenteraad opgericht kunnen worden.
De voorwaarden voor adviesraden naar samenstelling (maximum twee derde van de leden van hetzelfde geslacht) en lidmaatschap (geen stemrecht voor gemeenteraadsleden, schepenen en burgemeester), zoals bepaald door het decreet lokaal bestuur, zijn dus niet van toepassing.
Het lokaal samenwerkingsverband bestaat minimaal uit vertegenwoordigers van het aanbod, gebruikers en het lokaal bestuur waarbij gestreefd wordt naar een gezond evenwicht in aantal en voldoende diversiteit.
Het Lokaal Samenwerkingsverband BOA Pact Lievegem kan bestaan uit:
| 2 stemgerechtigden uit interne / gemeentelijke diensten:
3 stemgerechtigden uit externe aanbieders (+2 niet stemgerechtigden):
4 stemgerechtigden uit scholen en onderwijsvertegenwoordiging (+3 niet stemgerechtigden):
4 stemgerechtigden uit gebruikersvertegenwoordiging:
|
Voor elke vertegenwoordiging wordt telkens 1 effectief en 1 plaatsvervangend lid aangeduid.
Het lokaal bestuur waarborgt ten allen tijde een gezonde verhouding tussen de interne en externe vertegenwoordiging.
Dit besluit wordt bezorgd aan team BKO, Huis van het Kind, team communicatie.
Dit besluit wordt gepubliceerd op de gemeentelijke website en het ABB.
Enig artikel
De gemeenteraad beslist om een lokaal samenwerkingsverband Boa Pact Lievegem op te richten.